Tranexaminezuur in de urologische chirurgie
EAU-CONGRES Tranexaminezuur wordt al in andere takken van de chirurgie voorgeschreven omwille van zijn bloedingsremmende eigenschappen, en zou ook meer kunnen worden gebruikt in de urologische chirurgie. Dat is alvast de conclusie van de POISE-3-studie.
Bloedingen zijn frequent bij urologische chirurgie. Ze kunnen ernstige complicaties veroorzaken en nopen tot transfusies, een heringreep en/of een langer ziekenhuisverblijf. Tranexaminezuur is een antifibrinolyticum, dat al met succes wordt gebruikt bij hart- en orthopedische chirurgie. De gegevens in de urologie waren echter beperkt en vaak tegenstrijdig.
Vandaar dat tranexaminezuur weinig wordt gegeven in de urologische chirurgie. Het gebruik verschilt van centrum tot centrum. Er zijn (nog) geen richtlijnen ad hoc. Daar zou de POISE-3-studie weleens verandering in kunnen brengen.(1)
Opzet POISE-3-studie 
De POISE-3-studie heeft de werkzaamheid en de veiligheid van profylactische toediening van tranexaminezuur in de urologische chirurgie onderzocht. Die internationale studie is uitgevoerd bij 1.124 patiënten van minstens 45 jaar die een urologische ingreep dienden te ondergaan (robotgeassisteerde radicale prostatectomie, transurethrale prostaatresectie, laparoscopische radicale nefrectomie, open radicale cystectomie enz.) die een hoog risico op bloeding en cardiovasculaire complicaties inhield.
De meeste patiënten hadden een actieve kanker en een kwart heeft antitrombotica gekregen minder dan 24 uur voor de ingreep. Na dubbelblinde randomisatie heeft een groep tranexaminezuur (intraveneuze bolus van 1 g bij het starten en op het einde van de operatie) gekregen en de andere een placebo.
Betere resultaten met tranexaminezuur
Het primaire eindpunt was een samengesteld eindpunt van levensbedreigende bloeding, ernstige bloeding of bloeding in een kritiek orgaan na dertig dagen. “Werkt tranexaminezuur? Het antwoord is ja”, aldus Kari Tikkinen, hoogleraar urologie aan de Universiteit van Helsinki. “Een van de items van het samengestelde eindpunt heeft zich voorgedaan bij 8,1% van de patiënten van de tranexaminezuurgroep en bij 10,9% van de patiënten van de placebogroep (HR 0,73), dus 67% bloedingen minder met tranexaminezuur. Dat betekent ook minder transfusies.”
De incidentie van ernstige bloedingen bedroeg respectievelijk 6,1% en 9,5% (HR 0,63), die van levensbedreigende bloedingen bedroeg respectievelijk 2% en 1,6% en die van bloedingen in een kritiek orgaan respectievelijk 0,5% en 0,9%. De verschillen tussen de twee groepen waren niet statistisch significant.
'Tranexaminezuur verlaagt het bloedingsrisico en zodoende de noodzaak tot transfusie.'
Het primaire eindpunt van de veiligheid was een samengesteld eindpunt van optreden van allerhande postoperatieve complicaties tijdens de eerste dertig dagen na de operatie. Een van de items van dat samengestelde eindpunt heeft zich voorgedaan bij 12,1% van de patiënten van de tranexaminezuurgroep en bij 10,9% van de patiënten van de placebogroep (HR 1,12).
Het ging daarbij vooral om myocardletsels na niet-cardiale chirurgie (11,2% versus 10,2%). In elke groep zijn twee gevallen van niet-hemorragisch CVA en drie gevallen van symptomatische proximale diepe veneuze trombose waargenomen. Er is geen enkel geval van perifere arteriële trombose vastgesteld.
Groen licht
Bij analyse van de subgroepen werden geen significante verschillen in werkzaamheid of veiligheid vastgesteld naargelang van de chirurgische toegang, de oncologische situatie of een eventuele preoperatieve toediening van antitrombotica. In geen van beide groepen zijn convulsies vastgesteld.
Prof. Tikkinen pleit er dan ook voor meer tranexaminezuur voor te schrijven in de urologie. “Dat heeft drie voordelen: tranexaminezuur is goedkoop, is gemakkelijk toe te dienen en verlaagt de noodzaak tot transfusie, wat belangrijk is in een context van gebrek aan bloedproducten en middelen.”
Referenties:
1. K. Tikkinen, Safety and efficacy of tranexamic acid in urologic surgery: results from the international, randomised, placebo-controlled POISE-3 trial, congres EAU, 15 maart 2026.