Ligt Helicobacter pylori nog op de maag van de (tand)arts?
Werken als medicus of paramedicus geeft een licht verhoogd beroepsrisico op H. pylori. Dit jaar verscheen er een systematische review van 28 studies over het beroepsrisico.
Dokter Wim Van Hooste, preventieadviseur-arbeidsarts
Dit jaar verscheen er een systematische review van 28 studies over het beroepsrisico op infectie met de bacterie Helicobacter pylori bij (tand)artsen (Saleh et al., BMC Infect Dis, 2026). Voorheen verscheen er al een systematische review naar het algemeen beroepsrisico (Kheyre et al., Int J Occup Environ Health, 2018).
In de periode 2001-2003 deed ik een uitgebreide literatuurstudie over het beroepsrisico bij zowel (para)medici als bij niet-medici in het kader van mijn Masterthesis Arbeidsgeneeskunde (Van Hooste et al., Occup Environ Med, 2004; De Schryver et al., Int J Occup Environ Health, 2004). Sindsdien ben ik deze taaie rakker blijven volgen.
Infectie met H. pylori is de etiologische factor voor chronische gastritis, maag- en duodenumzweren, MALT-lymfomen en maagadenomata. Voorts is de bacterie een gekend kankerverwekkend beestje. Het is een Groep I carcinogeen (International Agency on Research of Cancer van de WHO), een bewezen veroorzaker van maagkanker bij de mens. Het blijft één van de weinige infectieziektes met kankerverwekkend vermogen (de Nobelprijs voor Fysiologie en Geneeskunde in 2005 voor de Australiërs B. Marshall & R. Warren).
De bacterie wordt meestal opgelopen via de faecaal-orale of oraal-orale route, vaak in de kinderjaren (Duan et al., Helicobacter, 2022).
Hoe is de stand van zaken na meer dan 20 jaar onderzoek sinds mijn literatuuronderzoek naar de beroepsepidemiologie van de H. pylori? De studie van beroepen moet ons in staat stellen specifieke risico’s in kaart te brengen en preventieve maatregelen voor te stellen.
Er is steeds meer bewijs dat H. pylori zich in de orale caviteit kan huisvesten (reservoir). H. pylori werd aangetoond in speeksel, plaque en tandvleeszakjes (Anand et al., Arch Oral Biol, 2025). De prevalentie-onderzoeken naar H. pylori bij tandartsen spreken elkaar nog steeds tegen (Saleh et al., 2026).
Het beroepsrisico voor gezondheidswerkers, met name voor gastro-enterologen, endoscopieverpleegkundigen en laboranten, situeert zich bij het uitvoeren van of het verwerken van biopten. Er is een klein risico op overdracht van H. pylori via aerosolen, contact met maagsap of besmette instrumenten. Het naleven van correcte hygiëne- en desinfectieprocedures is primordiaal, net zoals het gebruik van de juiste persoonlijke beschermingsmiddelen (handschoenen, mond-neusmasker).
Veelvuldig en direct patiëntencontact zou het risico kunnen verhogen (Braden et al., Gastrointest Endosc, 1997). Het personeel in verpleeghuizen, instellingen voor mensen met een beperking of kinderopvang kan een iets verhoogd risico hebben door frequent contact met personen met onvoldoende hygiëne (De Schryver et al., Occup Environ Med, 2008).
Werken als medicus of paramedicus geeft een licht verhoogd beroepsrisico op H. pylori. De overall prevalentie overstijgt de prevalentie (bijna) niet van de algemene bevolking. Voor de tandheelkundige setting zijn echter meer kwaliteitsvolle cohortstudies noodzakelijk. In medische case-controlstudies worden er echter een verhoogd aantal infecties aangetoond, maar slechts enkele cohortstudies vonden een verhoging.
Goede infectiepreventie- en hygiënemaatregelen kunnen transmissie sterk verminderen (Mohamed et al., Egypt Liver J, 2014). Wellicht is dit één van de verklaringen waarom er weinig studies een verhoogd risico konden weerhouden in de gezondheidszorg.
Goede health policies en individuele socio-economische omstandigheden zijn belangrijker dan de beroepsmatige blootstelling (Kim et al., Gut Liver, 2013).