Invloed van maatschappelijke veranderingen op het verouderen
IAGG-CONGRES Kleinere en/of nieuw samengestelde gezinnen, dierbaren die veraf wonen, veranderende buurt, alsmaar moeilijkere toegang tot de zorg,... De veranderingen van de maatschappij hebben invloed op ouderen. Kunnen we daar iets aan doen?

Net zoals het leven zelf, beweegt, verandert, evolueert de maatschappij. Dat heeft wisselende invloed op het verouderen en roept fundamentele vragen op over hoe we in de toekomst zullen leven. De gezinsveranderingen sinds de tweede helft van de 20ste eeuw hebben de context en de levensomstandigheden van bejaarden grondig veranderd.
Verticalisering en nieuw samengestelde gezinnen
Het gezin kan in heel wat opzichten worden gezien als een echt “institutioneel systeem”. Voor een eventuele opname in een woonzorgcentrum krijgen ouderen vaak praktische, logistieke, financiële en/of emotionele steun van hun familie. Maar het gezin heeft in de 20ste eeuw grondige veranderingen ondergaan.
Merril Silverstein, hoogleraar sociologie aan de Universiteit van Syracuse (VS), beschrijft minstens drie veranderingen. (1) “Ten eerste, de gezinnen zijn kleiner geworden, want om allerhande redenen (wereldwijde daling van de vruchtbaarheid, toegang tot voorbehoedsmiddelen, culturele veranderingen,...) krijgen we minder kinderen. Parallel daarmee stijgt de levensverwachting gestaag. Resultaat: er treedt een verticalisering van het gezin op. Een derde van de Amerikaanse gezinnen telt vier generaties die nog in leven zijn.”
Elke generatie steunt op een alsmaar kleiner nageslacht, maar de financiële middelen en de tijd die aan de naaste familieleden kunnen worden besteed, zijn niet in dezelfde mate toegenomen, verre van. Dat vormt zeker een bedreiging voor de solidariteit tussen de generaties in het gezin.
Ten tweede, het aantal scheidingen neemt sterk toe en een scheiding wordt nu ook veel minder gestigmatiseerd. Dat heeft geleid tot een stijgend aantal tweede of derde huwelijken en nieuw samengestelde gezinnen. “Of de pluskinderen hun plusouders later zullen steunen, is allesbehalve zeker”, legt prof. Silverstein uit.
“Elke situatie is uiteraard anders, en in sommige gezinnen maken de kinderen nauwelijks onderscheid tussen de mensen die hen hebben verwekt, en de mensen die hen hebben opgevoed. De financiële, praktische en emotionele ondersteuning van een bejaarde plusouder is evenwel statistisch significant minder dan de steun die aan een biologische ouder wordt gegeven.” De Belgische wet voorziet een onderhoudsverplichting ten aanzien van de biologische ouders, maar niet van de plusouders.
Eenzaamheid en isolement
Ten derde, alsmaar meer mensen worden oud zonder partner: celibaat, weduwschap, scheiding, ook op latere leeftijd. “In de Verenigde Staten is het aantal scheidingen bij 65-plussers in dertig jaar tijd verviervoudigd. 7,9 op de 1.000 65-plussers zijn er gescheiden.”
Vrouwen zijn financieel onafhankelijker geworden en zullen minder geneigd zijn een relatie waarin ze zich ongelukkig voelen, voort te zetten. Naar alle waarschijnlijkheid zal dat cijfer nog stijgen. Zonder daar enig moreel oordeel over te vellen, heeft dat volgens prof. Silverstein gevolgen bij het verouderen: hoger risico op sociaal isolement en (vroege) opname in een woonzorgcentrum, geen plan voor het levenseinde, hoger risico op financiële uitbuiting door anderen enz.
Niet alleen de burgerlijke stand is geëvolueerd, ook de sociale omgeving, onder andere door
carrièreswitches. De buurt vormt zowat een dode hoek in de research, maar heeft toch sterke invloed op het objectieve isolement en het gevoel van eenzaamheid van ouderen. Meerdere studies hebben aangetoond dat dat belangrijke risicofactoren voor depressie en angst zijn. Op het IAGG26 is een volledig symposium gewijd aan de invloed van de buurt op het verouderen. (2)
“In de literatuur wordt eenzaamheid vaak behandeld als een stoornis, een symptoom, een epidemie en een probleem voor de volksgezondheid”, stelt Liesbeth De Donder, hoogleraar agogische wetenschappen aan de VUB. “Maar door te veel te medicaliseren, ga je voorbij aan de sociale wortels van het probleem."
De buurt, dat zijn immers niet alleen de mensen die in het huis of het appartement ernaast wonen. De buurt is de onmiddellijke sociale omgeving en de nabijgelegen infrastructuren: de omliggende openbare ruimte (stad of platteland), (het gevoel van) veiligheid of onveiligheid, de sociale cohesie, de toegang tot commerciële, administratieve en gezondheidsinfrastructuren, de plaatselijke politiek,... Al die parameters kunnen sterke invloed hebben op de wijze waarop we in interactie treden met de buitenwereld en hoe we eenzaamheid zien en beleven.
'Mensen hoeven de gevolgen van maatschappelijke veranderingen niet alleen te torsen.'
Buurt en gemeenschap
Dat blijkt in elk geval uit de interventies op het symposium. Twee onderzoeksters van de VUB hebben de invloed van de gebouwde omgeving en de wijze waarop die wordt beleefd (perceptie van de buurt, veiligheids- of onveiligheidsgevoel,...) op eenzaamheid onderzocht.(3) Liesbeth De Donder, coauteur van de studie, legt uit dat “de buurt meer is dan een ontmoetingsplaats, maar een geheel van plaatsen en interacties, die ouderen afleiden van eenzaamheid en verveling. Eenzaamheid is dan ook breder dan een individuele ervaring.”
In Taiwan zijn er tal van gemeenschapscentra, waar ouderen graag naartoe gaan. Twee onderzoeksters hebben onderzoek verricht naar het “sociale kapitaal van de gemeenschap”. “Dat zijn hulpbronnen zoals vertrouwen en wederkerigheid geïntegreerd in sociale netwerken, die individuen kunnen mobiliseren ten bate van de gemeenschap”, aldus Hanghui Pan, hoogleraar aan de National Chung Cheng University in Taiwan. De studie, uitgevoerd bij 530 65-plussers die nog thuis woonden, heeft het gevoel van eenzaamheid en depressieve symptomen geëvalueerd. (4)
De studie bevestigt de links tussen beide en heeft ook aangetoond dat het sociale kapitaal van de gemeenschap dat traject ten dele kan beïnvloeden. De gezondheidstoestand is immers ook zeer belangrijk bij het ontstaan of het verergeren van stemmingsstoornissen. “Met andere woorden, mensen die kunnen rekenen op hun omgeving en er actief aan deelnemen, zullen minder gemakkelijk depressief worden. Voorspellers van depressie in onze studie waren sterke eenzaamheid, een zwakke sociale participatie en een slechte gezondheid.”

Mogelijke oplossingen
Het antwoord op de afbrokkeling van het institutionele systeem, dat het gezin vormde, en een veranderende buurt is dus een (betere) samenleving bouwen. Voor een complexe situatie bestaan echter geen eenvoudige oplossingen. Meerdere sporen zijn aan bod gekomen om de nieuwe maatschappelijke werkelijkheid en de invloed ervan op het verouderen op te vangen. Zo heeft Japan in het begin van de jaren 2000 een langdurige zorgverzekering ingevoerd om zich aan te passen aan de verandering van het paradigma “familiale zorg versus maatschappelijke zorg”.
“Ook de nieuwe technologieën kunnen die overgang vergemakkelijken”, denkt prof. Silverstein. Dankzij intelligente woningen, die uitgerust zijn met sensoren en toestellen verbonden met naaste familieleden en/of zorg- of hulpdiensten, kunnen ouderen langer thuis blijven wonen, maar ze moeten er dan wel de middelen voor hebben. Robots kunnen helpen bij lichamelijke taken zoals het huishouden.
Om het eenzaamheidsgevoel, dat alle lagen van de maatschappij treft, tegen te gaan, denkt prof. Silverstein aan “smartphones en digitale solidariteitsplatformen(5) en conversationele AI. Dat is weliswaar niet ideaal, maar voor een aantal geïsoleerde mensen is dat beter dan niets.”
Mensen hoeven de gevolgen van maatschappelijke veranderingen niet alleen te torsen. Het is de rol van de overheid om de veranderingen van de maatschappij die invloed hebben op de gemeenschap op te vangen. Zelfs op plaatselijk niveau beschikken overheden over hefbomen die het verschil kunnen maken. Ze kunnen buurt- en feestcomités en gemeenschappelijke ruimtes ondersteunen, plaatsen herinrichten om ze gebruiksvriendelijker en toegankelijker te maken en initiatieven ondersteunen die de verbinding tussen mensen en generaties bevorderen. Al bij al is er een wereld buiten het gezin. En je hoeft helemaal niet oud te worden in eenzaamheid en isolement.
Referenties:
1. Zie “Aging families in the 21st century: challenges and choices” (Abstract van de Keynote 3-sessie van het IAGG26) in Journal of Global Ageing, vol 3 issue supplement, p. 158, 2026.
2. Zie “A lonely planet? Addressing loneliness from a place-based perspective: the influence of neighborhood”, sessie S10.04 van het IAGG26.
3. F. Häussermann et al., “How the neighborhood built environment shapes loneliness: a photo-elicitation study” in Health and Place, 97, 2026.
4. H. Pan et al., “Mitigating loneliness and depression in aging: the protective role of community social capital in Taiwan” in Journal of Global Ageing, vol 3 issue supplement, p. 669, 2026.
5. Via digitale solidariteitsplatformen kunnen de inwoners van een streek of een buurt kleine diensten voorstellen en/of aanvragen. Voorbeeld in België: het platform Hoplr.