Tranexaminezuur bij urologische chirurgie
Tranexaminezuur wordt al in andere takken van de chirurgie gebruikt omwille van zijn bloedstelpende eigenschappen. Volgens de POISE-3-studie zou het ook meer kunnen worden gebruikt bij robotgeassisteerde chirurgie.
Tranexaminezuur wordt weinig gebruikt bij urologische chirurgie en in sommige centra al wat meer dan in andere. Er zijn nog geen officiële richtlijnen ad hoc. De resultaten van de POISE-3-studie zouden het gebruik van tranexaminezuur weleens kunnen aanwakkeren (1).
Opzet van de POISE-3-studie
De POISE-3-studie heeft de werkzaamheid en de veiligheid van profylactische toediening van tranexaminezuur bij urologische chirurgie geëvalueerd. Die internationale dubbelblinde gerandomiseerde studie is uitgevoerd bij 1.124 patiënten die een urologische ingreep moesten ondergaan die een hoger risico op bloeding en cardiovasculaire complicaties inhoudt: radicale robotgeassisteerde prostatectomie, transurethrale prostaatresectie, radicale laparoscopische nefrectomie, open radicale cystectomie enz. De patiënten werden gerandomiseerd naar tranexaminezuur (een intraveneuze bolus van 1 g bij het begin en op het einde van de ingreep) en de andere naar een placebo.
Criteria van werkzaamheid
Het primaire eindpunt van werkzaamheid was een samengesteld eindpunt na 30 dagen. Bloedingen zijn opgetreden bij 8,1% van de patiënten van de tranexaminezuurgroep en bij 10,9% van de patiënten van de placebogroep (HR 0,73), dus 27% minder bloedingen en dus ook minder transfusies in de tranexaminezuurgroep. De frequentie van ernstige bloedingen bedroeg respectievelijk 6,1% en 9,5%, die van levensbedreigende bloedingen respectievelijk 2% en 1,6% en die van bloedingen in een levensbelangrijk orgaan respectievelijk 0,5% en 0,9%.
Veiligheidscriteria
Het primaire eindpunt van veiligheid was eveneens een samengesteld eindpunt van postoperatieve complicaties na 30 dagen. Een van de items van het samengestelde eindpunt van trombose heeft zich voorgedaan bij 12,1% van de patiënten van de tranexaminezuurgroep en bij 10,9% van de patiënten van de placebogroep (HR 1,12). Het ging vooral om myocardletsels na niet-cardiale chirurgie (11,2% versus 10,2%). In elke groep zijn twee gevallen van niet-hemorragisch CVA en drie gevallen van symptomatische proximale diepe veneuze trombose gediagnosticeerd. Geen enkele patiënt heeft convulsies ontwikkeld. Die studie pleit dus voor een breder gebruik van tranexaminezuur in de urologie.
Referentie
1. Tikkinen, Safety and efficacy of tranexamic acid in urologic surgery: results from the international, randomised, placebo-controlled POISE-3 trial, congres EAU, 15 maart 2026.