Strafbepalingen geharmoniseerd met nieuw Strafwetboek
Het Staatsblad publiceert vandaag een wet die een hele reeks strafbepalingen in bestaande wetten actualiseert - waaronder de wet van 30 mei 1892 op het hypnotisme.
Herman Nys, em. prof. medisch recht KU Leuven
Het Staatsblad van 10 maart maakt de wet van 3 maart 2026 houdende harmonisatie van de geldende wetsbepalingen van Justitie met het Strafwetboek van 29 februari 2024 bekend.
De harmonisatie betekent dat de strafbepalingen van talrijke wetten worden aangepast aan de terminologie die in het nieuwe Strafwetboek, dat op 8 april in werking treedt, gehanteerd wordt (geldboete en gevangenisstraf worden vervangen door straffen van niveau 1 t.e.m. 10). De zwaarte van de straffen wordt echter niet aangepast.
Wet op het hypnotisme
Hoofdstuk 10 van de wet van 3 maart 2026 brengt wijzigingen aan in de wet van 30 mei 1892 op het hypnotisme. Die bestaat inderdaad nog steeds.
Die wet stelt strafbaar wie een persoon, die de leeftijd van volle 21 jaar niet heeft bereikt of niet gezond van geest is, hypnotiseert indien hij geen 'doctor in de geneeskunde' is, of geen toelating heeft van de regering.
De oude strafbepaling daarvoor - "gevangenzetting van vijftien dagen tot zes maanden en met een boete van zesentwintig frank tot duizend frank", wordt vervangen door de woorden "een straf van niveau 1".
Orgaantransplantatiewet
Hoofdstuk 24 bevat wijzigingen van de wet van 13 juni 1986 betreffende het wegnemen en transplanteren van organen.
Wet bescherming persoon psychiatrische aandoening
Hoofdstuk 25 brengt wijzigingen aan in de wet van 26 juni 1990 inzake de bescherming geboden aan een persoon met een psychiatrische aandoening
Euthanasiewet
Hoofdstuk 26 bevat wijzigingen van de wet van 28 mei 2002 betreffende de euthanasie. Naast aanpassingen in verband met de strafsancties wordt de verwijzing naar artikel 458 Strafwetboek, dat schending van het beroepsgeheim strafbaar stelt, vervangen door artikel 352.
Ook deze wet treedt in werking op 8 april 2026 (artikel 130).