PremiumNeurologie
Radioligants summit
V.l.n.r. Hugues Malonne (FAGG), prof. Christophe Deroose (UZ Leuven), Florence Pottiez (MR).

Summit pleit voor verankering van radioligandtherapie

Radioligandtherapie (RLT) wordt in België toegepast bij de behandeling van uitgezaaide prostaatkanker en van neuro-endocriene tumoren. Er lopen wereldwijd klinische studies om radioligandtherapie ook naar andere kankertypes uit te breiden, en veel vroeger in te zetten. België moet zich daar dringend op voorbereiden, was te horen op de ‘Belgian RLT Summit 2026’.

Erik Derycke - 2 april 2026

Radioligandtherapie is een zeer gerichte kankertherapie. Ze combineert een vectormolecule die zich bindt aan specifieke receptoren op kankercellen (bijvoorbeeld PSMA bij prostaatkanker) en een radio-isotoop dat deze cellen gericht bestraalt, waardoor ze afsterven en de tumor krimpt. Een 'chelator' verbindt de vector en de isotoop.

Doordat de vector alleen aan kankercellen hecht, blijft gezond weefsel zoveel mogelijk gespaard, wat leidt tot minder bijwerkingen en een betere levenskwaliteit voor de patiënt.

mechanisme radioligand
Mechanisme radioligandtherapie.

Tot vijftien keer meer patiënten

Sinds 1 april 2024 wordt radioligandtherapie voor de behandeling van gemetastaseerde castratieresistente prostaatkanker (mCRPC) terugbetaald in België. Door onder meer uitbreiding van het aantal indicaties wordt verwacht dat het aantal patiënten dat voor radioligandtherapie in aanmerking komt, tegen 2035 met een factor tien tot vijftien zal toenemen.

“Daar moeten we ons nu op voorbereiden”, stelt Sarah Baatout, adjunct-instituutsdirecteur voor Nucleaire Medische Toepassingen bij het SCK CEN. “Het goede nieuws is dat België over goede troeven beschikt. We hebben een uniek ecosysteem dat baanbrekend onderzoek, klinische expertise en industriële capaciteit verenigt.”

Het SCK CEN in Mol en het IRE in Fleurus spelen bijvoorbeeld een zeer belangrijke rol in het onderzoek naar en de productie van medische radio-isotopen. In 2025 hielp de Belgische productie van medische radio-isotopen wereldwijd ongeveer 13 miljoen patiënten en vertrokken er 35.000 transporten van medische radio-isotopen naar het buitenland.

Maar deze leiderspositie is niet vanzelfsprekend, waarschuwt Baatout. “Het opschalen van radioligandtherapie vereist strategische keuzes. De uitdagingen zijn niet alleen wetenschappelijk, maar ook organisatorisch, infrastructureel en regelgevend. Gelukkig wordt het belang van radioligandtherapie erkend in het federale regeerakkoord en in verschillende parlementaire initiatieven. Dat is een sterk signaal voor de sector.”

'Het opschalen van radioligandtherapie vereist strategische keuzes'
– Sarah Baatout

Regelgeving

Sprekers op de Summit wezen op beleidsmatige en regelgevende hindernissen. Zo is voor de diagnose een PET-scanner nodig. Het aantal toegelaten toestellen wordt echter beperkt door federale quota. Koen Dillen, N-VA-parlementslid en huisarts in Mol, wees op de slechte geografische spreiding van PET-scanners, waardoor zijn patiënten lang onderweg zijn tot het dichtstbijzijnde ziekenhuis met een PET-scanner.

Een andere rem op de groei is dat patiënten na een RLT-behandeling verplicht 24 uur gehospitaliseerd blijven in de gespecialiseerde therapiekamers. Zij hebben immers nog een kleine hoeveelheid radioactieve stoffen in hun lichaam, en door deze quarantaine wil men besmetting van familie en naasten en van het milieu voorkomen.

Verschillende sprekers wezen erop dat in andere landen patiënten al na zes uur naar huis mogen. Door de termijn in te korten, zouden de behandelkamers sneller beschikbaar worden voor nieuwe patiënten.

Sneller naar huis?

Sylviane Berger, departementshoofd Gezondheid en Leefmilieu bij het Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle (FANC), staat open voor dat voorstel. “Het agentschap is niet gekant tegen het aanpassen van deze regelgeving, maar alleen op basis van gedegen wetenschappelijke gronden. Wat zijn de gevolgen voor het milieu, rioleringssystemen, afvalwaterzuiveringsinstallaties, verbrandingsovens en de volksgezondheid in het algemeen? Dat mag absoluut niet over het hoofd gezien worden.”

Daarom werd hierover een advies gevraagd aan de Hoge Gezondheidsraad. Binnen HERCA, een Europees netwerk van agentschappen zoals het FANC, is er ook een werkgroep opgericht om de duur van ziekenhuisopnames te onderzoeken.

Prof. Christophe Deroose (Nucleaire Geneeskunde & Moleculaire Beeldvorming, UZ Leuven) wees er ook op dat de regelgeving voor de bereiding en bewaring van geneesmiddelen niet aangepast is aan radioligandtherapie, waarbij het geneesmiddel omwille van de halfwaardetijd van de radio-isotopen slechts een paar dagen of zelfs maar uren effectief is.

Expertise

Er zijn momenteel ongeveer 25 centra in België die RLT aanbieden. Dat zijn er (te) veel, en verschillende sprekers pleitten ervoor om de expertise te bundelen – onder verwijzing naar het expertenplan over de hervorming van het ziekenhuislandschap dat in december werd voorgesteld.

“Er is een tekort aan radiologen, een tekort aan technologen, een tekort aan verpleegkundigen, en we hebben al die mensen nodig om RLT toe te kunnen passen”, zei prof. Evandro de Azambuja, voorzitter van de Belgian Society of Medical Oncology (BSMO).

Prof. Ken Kudura, diensthoofd nucleaire geneeskunde aan het CHU UCL Namur, trad hem bij. “In onze afdeling kunnen we vanwege een personeelstekort maar twee dagen per week RLT aanbieden.” De universitaire centra hebben een initiatief gelanceerd om de praktijk van RLT in België in kaart te brengen.

Koen Dillen gaf ook aan dat de (regionale) subquota voor specialisten nucleaire geneeskunde misschien opnieuw bekeken moeten worden.

Terugbetaling

België was het eerste Europese land waar radioligandtherapie wordt terugbetaald voor mCRPC-patiënten. Maar de terugbetaling moet beter, want de klinische zorg is ondergefinancierd. “Elke radioligandtherapie-injectie is deficitair voor het ziekenhuis”, zei prof. Deroose.

Over dat probleem gaf dr. Lieselot Brepoels, nuclearist in UZ Gent een interessante visie. Zij is voorzitter van de Technische raad voor radio-isotopen (TRRI) bij het RIZIV, die beslist over de vergoedingsvoorwaarden van radiofarmaceutische producten (“Er is weinig dat mij zo gelukkig maakt als het inschrijven van een nieuwe molecule op de markt”, dixit Brepoels).

Het budget van de TRRI is klein in vergelijking met het budget voor geneesmiddelen, dat beheerd wordt door de Commissie Tegemoetkoming Geneesmiddelen (CTG), zei Brepoels. “Tot nu toe hielden we ons vooral bezig met diagnostische isotopen. Als er een verschuiving komt van goedkope diagnostica naar therapieën die vele malen duurder zijn, heeft dat een enorme impact op het budget van de TRRI.”

Dat de budgetten in aparte silo’s zitten maakt het volgens Brepoels ook moeilijk om radioligandtherapie af te wegen tegen andere interventies zoals heelkunde, radiotherapie of immunotherapie. Ze stelt dat die afweging meer grensoverschrijdend zou moeten gebeuren. “Ik denk dat het heel belangrijk is om ons daar bewust van te zijn en keuzes te maken. En die keuzes kunnen wij als TRRI niet alleen maken.”

Hugues Malonne (FAGG): 'De regelgever komt altijd als laatste'
De ontwikkeling van radioligandtherapie en andere innovatieve behandelingen stuit vooral op gebrekkige coördinatie van regelgeving, zegt Hugues Malonne, administrateur-generaal van het FAGG.
Verschillende sprekers op de RLT Summit stelden dat de regelgeving voor geneesmiddelen (FAGG) en nucleaire veiligheid (FANC) gemoderniseerd en geharmoniseerd moet worden. Dat innovatieve therapieën sneller evolueren dan het regelgevend kader, is volgens Hugues Malonne echter normaal: “De regelgever komt altijd als laatste.” De echte uitdaging ligt volgens hem in de afstemming tussen verschillende kaders die elk vanuit een ander tijdperk en een andere logica zijn ontstaan.
Dat spanningsveld is al langer bekend bij ATMP’s (Advanced Therapy Medicinal Products), zegt Malonne. “Wanneer het over gentherapie gaat, is zowel de Europese geneesmiddelenwetgeving als de oudere wetgeving over genetische gemodificeerde organismes (GGO’s) van toepassing. Maar die is ontworpen om te voorkomen dat veldproeven met GGO’s andere percelen contamineerden, niet voor geneesmiddelen.”
Malonne ziet het nieuwe Europese ‘Pharma Package’ als een kans om die afstemming te verbeteren, maar waarschuwt dat implementatie tijd zal vragen.
Radioligandtherapie heeft een vergelijkbaar probleem. De regels om zorgverstrekkers en patiënten te beschermen tegen straling zijn opgesteld lang voor er sprake was van RLT – overigens met een goede reden, verduidelijkt Malonne. “Ooit opereerden orthopedisten met continue radiologie. Ze stopten ermee omdat ze brandwonden op hun armen kregen. Veel radiologen zijn vroegtijdig overleden door een te hoge blootstelling aan straling.”
Klinische studies
België heeft volgens Malonne sterke troeven voor RLT. “We hebben een goed ecosysteem voor onderzoek en klinische studies, en dat in een land dat een zakdoek groot is.” Maar hij waarschuwt dat België die voorsprong dreigt te verliezen aan China. “De afdeling oncologie van het Peking University Medical College behandelt één miljoen patiënten per jaar. Voor een studie naar pakweg nierkanker – uiterst zeldzaam in België – hebben zij meteen duizend potentiële deelnemers. Het probleem in België is niet dat het lang duurt voor een studie wordt goedgekeurd – het FAGG kan dat in één maand doen – maar dat het dan nog drie maanden duurt voor er voldoende patiënten zijn.”
Het FAGG werkt ook aan standaardcontracten voor klinische studies. “Belgische ziekenhuizen hebben verschillende informaticasystemen, verschillende ethische comités en verschillende juridische diensten. Als je met drie centra wil samenwerken voor een klinische studie, heb je vandaag drie verschillende contracten nodig.”
Malonne wil ook start-ups beter begeleiden. “Grote bedrijven kennen de weg naar het FAGG. Maar voor kleine en middelgrote bedrijven is het essentieel om in een vroege fase wetenschappelijk advies te krijgen – liefst gecoördineerd voor meerdere Europese landen, nog vóór een klinische studie opstart. Anders riskeren zij dat een protocol later niet aansluit op de verwachtingen van de regulator en dat kostbare ontwikkelingsmiddelen verloren gaan. Vandaag zijn er in Europa veel medicijnen die waarschijnlijk zeer goed zijn voor patiënten, maar die nooit op de markt komen omdat de ontwikkeling verkeerd werd aangepakt.”

Wat heb je nodig

Krijg GRATIS toegang tot het artikel
of
Proef ons gratis!Word één maand gratis premium lid en ontdek alle unieke voordelen die wij u te bieden hebben.
  • digitale toegang tot de gedrukte magazines
  • digitale toegang tot Artsenkrant, De Apotheker en AK Hospitals
  • gevarieerd nieuwsaanbod met actualiteit, opinie, analyse, medisch nieuws & praktijk
  • dagelijkse newsletter met nieuws uit de medische sector
Heeft u al een abonnement? 
Print Magazine

Recente Editie
14 april 2026

Nu lezen

Ontdek de nieuwste editie van ons magazine, boordevol inspirerende artikelen, diepgaande inzichten en prachtige visuals. Laat je meenemen op een reis door de meest actuele onderwerpen en verhalen die je niet wilt missen.

In dit magazine